Op 30 januari begint hét langverwachte weekend in Hulst. Het WK staat dan op de planning en dan worden talloze regenboogtruien uitgedeeld. Rijdt Mathieu van der Poel naar zijn achtste wereldtitel bij de mannen? En wie maakt het Lucinda Brand moeilijk in eigen land? Maarten Lepoutre blikt alvast even vooruit op zijn top drie.
Foto: Billy Ceusters
TOP DRIE - VROUWEN
1. Ceylin del Carmen Alvarado
Voor mij is Ceylin del Carmen Alvarado dé topfavoriete voor de wereldtitel. Haar vormcurve wijst al weken in één richting: omhoog. Ze toont dat ze nog steeds de acrobate is die ze ooit al was in haar beginjaren. Haar zeges in Mol en Zonhoven bewezen dat ze niet alleen terug is, maar ook sterker dan ooit crost. En vooral: ze is een van de weinigen die de laatste tijd echt iets kan doen aan het tot voor kort onklopbare niveau van Lucinda Brand.
Haar overwinning op het NK in Huijbergen was ronduit indrukwekkend. Ze reed Brand op meer dan één minuut, een signaal dat je niet kunt negeren. Als iemand in Hulst de regenboogtrui kan veroveren, dan is het Alvarado.
2. Lucinda Brand
Lucinda Brand blijft een zekerheid in het veld, maar er hangt naar mijn gevoel al even een kampioenschapsvloek boven haar hoofd. Ze rijdt nog steeds met de grootste motor van het pak, maar telkens wanneer het écht moet gebeuren, komt de foutenlast naar boven. Zonhoven was daar het pijnlijkste voorbeeld van: veruit de sterkste, maar toch zonder zege omwille van meerdere valpartijen.
Technisch gezien moet ze bovendien opboksen tegen zowel Alvarado als Pieterse, die haar op dat vlak voorbijgestoken zijn. Brand zal in Hulst ongetwijfeld meestrijden voor goud, maar de combinatie van haar recente kampioenschapspech én de groeiende concurrentie doet me vermoeden dat ze opnieuw net naast de titel zal grijpen.
3. Puck Pieterse
Puck Pieterse is voor mij de logische nummer drie. Ze heeft de techniek en de durf om elk parcours naar haar hand te zetten. Bovendien is ze samen met Alvarado één van de weinigen die Brand de laatste tijd echt onder druk kan zetten. Toch lijkt ze net iets minder dominant te zijn dan de twee vrouwen boven haar in deze uitslag.
Haar constante niveau en haar manier om in de meest technische passages het verschil te maken, maakt haar tot de ideale bronzenmedaillekandidate. Als ze een superdag heeft, kan ze zelfs hoger mikken, maar brons lijkt de meest realistische uitslag voor Pieterse.
TOP DRIE - MANNEN
1. Mathieu van der Poel
Bij de mannen is er geen discussie mogelijk: Mathieu van der Poel is de torenhoge favoriet. Hij kan in Hulst zijn achtste wereldtitel veroveren en zo alleen recordhouder worden. Zijn seizoen is tot noch toe foutloos en zijn dominantie is van een andere planeet. De Nederlander is al 23 crossen ongeslagen (sinds seizoen 2024-2025), telkens met een overwicht dat bijna moeiteloos lijkt.
En dan is er nog het parcours waar de titelverdediger alleen maar meer voordelen uit kan halen. Hulst is zijn speeltuin: zes keer won hij er al, en de kans dat hij na één ronde al seconden pakt op de rest, is reëel. Alleen pech lijkt hem van een nieuwe regenboogtrui te kunnen afhouden.
2. Thibau Nys
Ik schuif Thibau Nys naar voren als grootste kanshebber voor zilver. Ja, hij was zichtbaar gefrustreerd na de wereldbekerwedstrijd in Hoogerheide, waar ik vond dat hij zichzelf tekortdeed. Maar net die frustratie kan in Hulst de brandstof zijn die hem naar een topresultaat duwt.
Nys heeft dit seizoen meerdere keren laten zien dat hij op zijn beste dagen de enige is die in de buurt kan blijven van ‘MVDP’. In Namen leek hij even op weg naar een sprint tegen de wereldkampioen, tot een valpartij roet in het eten gooide. Als Nys een goeie dag heeft en het hoofd koel kan houden, zie ik hem als de grootste kanshebber voor het zilver.
3. Tibor Del Grosso
Tibor Del Grosso schuift voor mij door naar de derde plaats. Zijn seizoen is net als zijn progressie indrukwekkend, en zijn zeges in Heusden-Zolder en Diegem bewezen dat hij klaar is voor het grote werk. Maar tegenover een Nys die op revanche aast, zie ik hem net iets tekortkomen voor zilver.
Del Grosso is bezig aan een doorbraakjaar en een podium op het WK zou die lijn perfect doortrekken.
Reactie plaatsen
Reacties